Maar echte foodies hebben in Maleisië
maar één bedevaartsoord: de walmende woks en geurige houtkoolbarbecues van de food court. Het eten is hier
zo lekker en gezond dat sommige Maleisiërs nooit zelf koken. En zien ze dat je niet bang bent om iets te
proeven dat je niet kent, dan krijg je de vreemdste dingen voorgeschoteld ...
Tekst en fotografie: Désirée Verkaar
(eerder verschenen in Wining & Dining, september 2007)

Ineens sta je er middenin
Het gedruis, lachende, onverstaanbaar pratende, roepende mensen.
Je schuifelt voorzichtig tussen dampende woks en stomende potten in kleine rvs kraampjes, opgesteld in lange rijen
aan weerszijden van een smal straatje. Je ogen tranen van de vuurrode pepers die zojuist de sissende olie in gingen.
De lucht lijkt zwaar van alle geuren: knoflook, citroengras en tamarinde, obsure specerijenmengsels, veelvorminge
zeewezens en pittige satay. Adem diep in en geniet: wat een wereldplek!
Hawkerfood, het eten dat op straat wordt klaargemaakt waar je bij staat, is zonder twijfel het hoogtepunt van de
Maleisische eetcultuur. En hier in Gurney Drive op het eiland Penang vind je misschien wel het beste dat het land te
bieden heeft. Gezinnen, keurige zakenlieden, bejaarde echtparen en mooie meisjes en jongens in hippe westerse kleding:
iedereen komt hier samen om te eten.
Bij verschillende kraampjes bestel je kommtjes om te delen – bijna alsof je tapas eet, maar dan in een
hoger, gulzig tempo. Iedereen zit op gammele stoelen aan plastic tafeltjes bij het harde, felle licht
van tl-lampen. En toch, geen chique restaurant met zachte stoelen en kaarslicht zou sfeervoller kunnen
zijn. Niet te missen hier op het eiland zijn de oyster omlet, die meer lijkt op roerei met sappige,
ultrakort gewokte kleine schelpdieren en de beroemde assam laksa: dikke, zuur-pittige vissoep met
rijstnoedels. Liefhebbers zeggen dat je nergens ter wereld zulke verrukkelijke laksa vindt als in
Penang. Er gaat geen kokosmelk in zoals in de laksa lemak uit bijvoorbeeld Malakka (ook heerlijk),
maar verfrissende tamarinde en haeko: zilte stroop van gefermenteerde garnalen. Terwijl je het
gepeperde goedje volgens de lokale etikette naar binnen slurpt, tovert het zweetpareltjes op je
voorhoofd. Maar het is verslavend lekker.
Duizendjarige eieren
Malaysia, truly Asia, zegt de reclameslogan die toeristen naar het land moet lokken. Wat het eten
betreft is het niets teveel gezegd: ongeveer alle heerlijkheden van het continent kun je hier vinden.
Het komt door de rijke historie van het land, een ware smeltkroes van culturen.
Vanwege de strategische ligging van het Maleisisch schiereiland waren hier vóór het begin van onze
jaartalling al Chinese en Indiase handelsposten gevestigd. De hedendaagse Maleisische bevolking bestaat
naast de autochtone Maleisiërs voor zo’n vijfendertig procent uit Chinezen en tien procent Indiërs.
Je hoeft hier dan ook geen dag hetzelfde te eten! Sla het continental breakfast in het hotel over en
ga voor het ontbijt naar een Chinees dim sum-restaurantje met aquariums vol levende vissen, krabben en
kreeften. Ontbijt, inderdaad, want daarvoor zijn de exquise hapjes bedoeld: ’s avonds zijn veel dim
sum-restaurants gesloten. Bamboe stoommandjes worden rondgereden op trolleys waaruit je mag aanwijzen
waar je zin in hebt. De deegpakketjes zijn gevuld met kruidige mengels van vis, zeevruchten of
varkensgehakt en prachtig gegarneerd met feloranje zalmkuit en schijfjes century egg, ‘duizendjarige’
eendeneieren die enkele maanden gefermenteerd zijn in een soort modder van as, thee en zout.
Donkerbruin, taai eiwit omhult een crèmige, jadegroene dooier met een aardse smaak.
Voor ’s avonds zit er een gezellig Indiaas restaurant aan de Jalan Tanjung Bungah, tegenover de luxe
strandresorts met uitzicht op de helderblauwe zee (waar je trouwens wel moet opppassen voor kwallen –
au!). Opnieuw wordt de tafel volgeladen, deze keer met traditionele Indiase curries van lamsvlees,
garnalen, groenten en linzen, verfrissende raita en natuurlijk tandoori kip, heerlijk gemarineerd en
ter plekke gebakken in een grote, diepe tandoor waar de kok juist een paar naan-broden uit haalt.
Je krijgt er mes en vork bij, maar al gauw gebaart iemand met een bemoedigende glimlach hoe het
eigenlijk hoort: met je handen of met behulp van stukjes brood.
Désirée Verkaar is zelfstandig fotograaf, journalist en auteur. Haar favoriete onderwerpen: eten, drinken, reizen, leven - Meer ...